« december 2005 | Hoofdmenu | februari 2006 »

31 januari 2006

Geen verhaal.


Er was eens een verhaal dat geen verhaal wilde zijn
Een schilderij, beeld of lied,
desnoods een lekkere appelwijn

Alles behalve een verzameling woorden bij elkaar
Het verhaal zag er de schoonheid niet van in,
kon alleen maar denken: "Was ik maar..."


29 januari 2006

29/01/'98


's Middags lunch ik nog met M. in de stad. De supertosti smaakt zoals altijd heerlijk, alleen lijken de voorweeën waar ik al een paar weken mee loop steeds venijniger te worden. Met nog bijna drie weken te gaan kan ik me er niet zo druk om maken. Tot ze 's avonds toch verdacht vaak precies om de drie minuten komen. Met de mededeling dat het waarschijnlijk is begonnen maar vast nog heel lang gaat duren stuur ik hem naar bed. Ik ga maar alvast de geboortekaartjes schrijven. Als de weeën om de minuut komen ben ik net klaar met schrijven. Mooie timing.
Ik maak hem wakker en bel de verloskundige. Voor de vorm heb ik een tas ingepakt met wat kleding want ex wilde dat het in het ziekenhuis zou plaatsvinden. Na één blik op het trieste, steriele verloskamertje besloot ik dat dit niet zou gaan gebeuren. Met Hans, de verloskundige heb ik stiekem een soort pact gesloten. Hij heeft eerder met het bange-mannen bijltje gehakt en zal als het moment daar is gaan zeggen dat het zo lekker loopt allemaal dat we net zo goed thuis kunnen blijven. Mits alles goed gaat natuurlijk. Maar ik ben ervan overtuigd dat ik een bevalling volgens het boekje zal krijgen en dus fijn thuis ga bevallen.
Hans arriveert binnen een kwartier met een puistige stagiaire in zijn kielzog. Hij bekijkt het plaats delict en deelt me mee dat ik al tien centimeter ontsluiting heb. Oh... Ok dan! Dus dit waren die beruchte ontsluitingsweeën? Puistmeisje mag mijn vliezen doorprikken en daarna: "Komen de persweeën, bereid je maar vast voor..." Volledig voorbereid op de oerkracht die mij nu volgens de boekjes gaat overspoelen wacht ik rustig af.
En ik wacht nog even.
En nog wat langer...
Hans en puistmeisje gaan steeds bedenkelijker kijken terwijl ik me zonder persweeën helemaal suf pers. Na anderhalf uur begin ik tamelijk vermoeid te raken en Hans duwt puistmeisje opzij om zelf maar weer eens te kijken. Puistmeisje blijkt de vliezen niet goed te hebben doorgeprikt. Ik heb me dus voor niks een ongeluk liggen persen. De vliezen worden nogmaals doorgeprikt en weer wacht ik, inmiddels al wat minder rustig en een tikje geïrriteerd, af. Puistmeisje heeft namelijk de vervelende gewoonte om bij iedere wee :"Duwen, duwen, duwen"(x20...) te roepen. Bovendien gaan mijn blikken telkens gefascineerd naar de vuurode joekels van pukkels die compleet met gele kopjes haar hele gezicht ontsieren. "Kan dat kind niet weg?" Denk ik meerdere keren.
Helaas gebeurt er wederom niks, ik laat me echter niet zo snel uit het veld slaan. Ik doe nog een uurtje mijn uiterste best, terwijl ik probeer om niet te letten op de gezichtsuitdrukkingen van Puistmeisje en Hans, die het afgelopen uur van bedenkelijk naar zorgelijk zijn gegaan.

De ambulance arriveert snel. De ambulancebroeders willen mij, na één blik op mijn steile, lange trap geworpen te hebben, op de brancard naar beneden dragen. Ik dacht het niet hoor. Rustig waggel ik naar beneden en op een kleine pauze halverwege na, lukt dat best. Eén broeder helpt me alsof ik niets weeg de brancard op en moet lachen als ik zeg dat mijn schoenen nog aan heb en vraag "of dat wel kan zo dan?" Met vliegende vaart word ik naar Amsterdam gereden. De weeën zijn nu helemaal niet grappig meer, de hele reis lang is één constante, snijdende wee. In het ziekenhuis aangekomen zie ik nog meer zorgelijke gezichten, vooral nadat de hartslag van de baby is gemeten. Ze heeft het benauwd, het heeft eigenlijk al te lang geduurd allemaal. De paniek slaat toe. Niet voor het eerst bedenk ik dat ze best wel voor altijd in mijn buik had mogen blijven, daar was ze immers veilig.
Er staat al een team klaar voor de keizersnede als de gynaecoloog het nog met een vacuümpomp wil proberen. Het inbrengen doet onbeschrijfelijk veel pijn. De gynaecoloog gaat er vervolgens met zijn volle 100 kilo aan hangen en vraagt me te persen of mijn leven eraf hangt. Gezien de nog steeds omlaaggaande hartslag pers ik of háár leven er vanaf hangt.

Een perfect, prachtig baby'tje wordt op mijn buik gelegd.
"Wat ben je mooi", Zijn mijn eerste, bijna verbaasde woorden.
Dan komen de tranen. Tranen van ontlading, ontroering en geluk.
Mijn meisje is geboren.
Vandaag precies acht jaar geleden.


27 januari 2006

Friday's lyric.

klik

a hundred dollars used to be more than enough
and now a hundred times a day and still it's not enough
people always tell me you get what you deserve
all I know is all and all is all I've heard

I heard you say: "you know I hate myself
but I love everybody else"
and did you say: "I can't escape myself"
and then you did and now there's no one else

to blame you know that I know yeah that times are rough
I'd like to help you out but things are rather tough
people always tell me that you've got to lend a helping hand
nothing in return is all I expect from you my friend

I heard you say: "you know I hate myself
but I love everybody else"
and did you say: "I can't escape myself"
and then you did and now there's no one else

I heard you say: "you know I hate myself
but I love everybody else"
and did you say: "I can't escape myself"
and then you do and now there's no one else


Sonic Youth / Junkie's Promise


26 januari 2006

Gesprekje onderweg.

"Mamma, zijn begrafenissen leuk?"

"Nee, die zijn meestal heel verdrietig."

"Maar ze draaien wel vaak mooie muziek hè?"

"Ja, de muziek is best mooi soms."

"Zodat de mensen nog verdrietiger worden dan ze al zijn hè?"

Grinnik...
"Uhhh... Ja, dat effect heeft die muziek wel eens."

...

"Maar waarom vraag je dit?"

"Nou, ik zat te denken: als we nou alle lelijke mensen doodmaken, lelijk van binnen bedoel ik, dan blijven alleen de goede en lieve mensen over."

"Maar in ieder mens zit wel iets goed en iets slechts, dus hoe bepaal je dat dan?"

"Nee: alleen de écht slechte mensen, mensen die alleen maar lelijk zijn van binnen."

"Oh, die..."

"Ja: dan schieten we die allemaal dood ofzo en dan begraven we ze en dan is de wereld veel mooier."

"Ok dan liefie, we zijn bij zwemles, maar we praten hier een andere keer wel verder over."

Mijn Koekie is geloof ik voor de doodstraf...


24 januari 2006

Retraite.

Om 5 uur 's morgens wakker gemaakt worden door een galmende klok. Ontbijten tussen de monniken, begeleid door het gezang van duizend vogels uit het omringende bos. Op een houten kerkbank luisteren naar het gregoriaanse gezang. Stilte om mij heen. Stilte in mij...

Enige jaren geleden, gedurende een tamelijk turbulente periode in mijn leven, ontstond bij mij de behoefte me eens een tijdje terug te trekken in een abdij of klooster ( het één valt onder het ander, maar het andere hoeft het één niet te zijn).
Gewoon even een weekje of twee helemaal op mezelf aangewezen. Dit zou op zich ook mogelijk zijn in een tentje in het bos of in een huisje in de bergen, maar eerlijk gezegd zou ik dat 's nachts toch wat eng vinden. Bovendien spreekt het idee van de serene, spirituele rust en de soberheid van een klooster mij wel aan.
De bewuste turbulente tijd ligt al lang achter me. Al kwamen daarna wel weer andere (gelukkig minder grote) probleempjes. En het gevoel van alles laten vallen en wegwezen is daarna nooit meer zo sterk geweest. Of beter gezegd: niet meer om die reden. Want ik zou het nog steeds wel eens willen: mezelf even terugtrekken in een klooster. Ik stel me dan zo voor dat ik alleen in een klein kamertje slaap, schaars gemeubileerd met slechts een bed, een nachtkastje en een kleine kledingkast.


Er is een mooie binnentuin, waar ik kan wandelen. En een grote kerkachtige gebedsruimte waar ik naar behoefte de diensten zou mogen bijwonen. Ook mag ik meewerken in de moestuin en helpen bij het bakken van het brood en de bereiding van het avondmaal. Dit alles terwijl iedereen zoveel mogelijk zijn mond dicht houdt.
Ik ben erg benieuwd wat zoiets los zou maken bij me: welke gedachten zouden er naar boven komen en hoe zou ik de rust ervaren?
Wie ben ik als alles om me heen er even niet is?
Geen moederrol te vervullen, geen dochterrol. Geen telefoon, computer of tv.
Jezelf terugvinden klinkt altijd wat hoogdravend, maar in die hoek liggen toch wel mijn verwachtingen. (Er even van uitgaand dat ik het vol zou houden en niet gillend gek zou worden, natuurlijk...).
Nu zijn hier in Nederland best mogelijkheden voor, kloosters genoeg in het zuiden des land's. Maar ooit bezocht ik "l'abbaye bénédictine Notre Dame de Ganagobie", een prachtige, oude abdij in de in de Alpes de Haute Provence, in Zuid Frankrijk. Mocht het zo zijn dat ik de praktische bezwaren zou kunnen overwinnen, dan zou ik dit wel een leuke optie vinden.


Ter afsluiting een anekdote:
Niet helemaal in de lijn van de kuisheidsgedachte, maar ik was er gelijktijdig met Brad Pitt. Ook hij was erg onder de indruk van deze fraaie abdij, gezien zijn commentaar in het gastenboek.

23 januari 2006

Onderzoek.


Hier had een uitgebreide beschrijving moeten staan over de enorme verschillen tussen de web-log loggers en de eigendomein-loggers. Afgelopen zaterdag bezocht ik namelijk deze meeting alsmede ook dit feestje.
Het teleurstellende resultaat van mijn onderzoek is dat er nauwelijks verschillen waarneembaar waren. Waarschijnlijk heb ik wegens omstandigheden ook niet zo goed opgelet.
Helaas zal ik dus nog eens moeten gaan.

Eén conclusie wil ik u echter niet onthouden:

Loggers zijn net echte mensen.

20 januari 2006

Friday's lyric.


klik

Djäpana wlutju
Dhurulama ngunhawarrtji djäpana
Warwu galanggarri
Rripa ngunhawarrtji djäpana
Warwu golungnha

Look at the sun
Falling from the sky
And the sunset
Takes my mind
Back to my homeland
Far away
It's a story
Planted in my mind
It's so clear
I remember
Oh my, oh my, sunset dreaming

Wo djäpana
Wo warwu
Wo rramani
Wo galanggarri

Hey, you people
Out there
How come
You ain't fair
To the people
Of the land
Try my, try my, sunset dreaming

Wo djäpana
Wo warwu
Wo rramani
Wo galanggarri

Djäppana warwu
Djekulu dhurulangala
Wlutju warwu
Rripa ngunhawarrtji
Dhurulama - dhurulama
Djäpana warwu golungnha

Wo djäpana
Wo warwu
Wo rramani
Wo galanggarri

Hey, you children
Of the land
Don't be fooled
By the Balanda ways
It will cause
Sorrow and woe
For our people
And our land

Wo djäpana
Wo warwu
Wo rramani
Wo galanggarri

So live it up
Live it up
Live it up
Live it up
With sunset dreaming.


Yothu Yindi / Djapana (Sunset Dreaming)



Lijstje.


Van Buitel kreeg ik onderstaand vragenlijstje.
Ik heb het naar eer en geweten ingevuld.

Vier baantjes die je in je leven hebt gehad:

Het grootste deel van mijn werkzame leven bracht ik bij één en hetzelfde bedrijf door, dus ik noem er maar een paar uit de periode daarvoor.
- Zaterdag- en vakantiebaantje op de wolafdeling van de HEMA. (Niet gehinderd door enige kennis van het breiwezen toch drie jaar gedaan...)
- Toen het zoveel mogelijk uitgaan een belangrijk streven werd in mijn leven, stapte ik over op vakkenvullen bij Dirk v/d Broek, want dat was doordeweeks 's avonds. Ik stond op de chipsafdeling. Wat kapot was mocht je opeten, er ging dus nog wel eens wat stuk.
- Oppassen (hoewel: ik zag dat kind vaker dan haar ouders..) op een heel schattig baby-yupje in een erg leuk grachtenpand in Amsterdam.
- Model staan/zitten/liggen voor een tekencursus.


Vier films die je niet vaak genoeg kunt zien:
Ik ben niet zo heel erg van een film nog eens zien, dus ik noem er een paar die indruk maakten.

- Trois couleurs: Blue
- The butterfly effect
- Wait until spring, Bandini
- Breaking the waves


Vier plaatsen waar je gewoond hebt:

- ik woon al mijn hele leven in hetzelfde dorp.


Vier televisieprogramma's waar je graag naar kijkt:

- Gilmore Girls
- Netwerk
- Crime scene investigation
- Jeugdjournaal


Vier plaatsen waar je op vakantie ging:
Dat zijn er best veel, zowel in Nederland als in het buitenland, maar aan onderstaande plaatsen heb ik bijzondere herinneringen.

- Parijs
- Oranjestad
- Zell am Moos
- Colera


Vier websites die je dagelijks bezoekt:

- http://www.nu.nl/
- http://www.google.nl/
- http://www.bommie.com
- http://www.mijnwoordenboek.nl/


Vier dingen die je graag eet:

- Gamba's in een jasje met citroensap
- Chocolade van Swiss Noir
- Chocolate fudge brownie ijs, van Ben & Jerry's
- Zelfgebakken appeltaart


Vier plaatsen waar je liever bent dan nu:

Hier zou ik geen moeite mee hebben. En dit lijkt me ook niet echt vervelend. Maar dit zou ook heerlijk zijn.
Maar in het juiste gezelschap doet het er eigenlijk niet zo heel veel toe waar je bent. Dus dat is mijn vierde optie.


Vier bloggers die je gaat taggen:

Vier mensen waarvan ik graag het log lees èn waarvan ik in elk geval het idee heb dat er een mogelijkheid bestaat dat ze hier op in zouden kunnen gaan...

- Ceebee
- Saar
- Paul
- Rian


18 januari 2006

Afscheid.


1986

Ga maar.
Dacht ik.
Ga maar en blijf alsjeblieft zo blij met jezelf als nu.
Je zult het wel zien, later.
Dat er voor ons geen later is.
Soms is voorbij gewoon voorbij.

1993

Gaan zonder afscheid was jouw stijl niet.
Je ging dwars door me heen.
Een moment van de puurste liefde en de grootste rust.
Op die verschrikkelijk verdrietige dag.
In mijn dromen bracht je bloemen voor me mee.
Jij was mijn allerliefste vriend.

1995

Waarom ben je gegaan zonder mij?
Met al mijn kracht weerhield ik mezelf ervan jou nieuw leven in te blazen.
Ik zal altijd van je houden, fluisterde ik.
Jij ging veel te vroeg.

1996

Ga maar.
Zei jij.
Ga en wees gelukkig.
Weet dat je altijd terug kunt komen.
Ook over tien jaar, of twintig.
Jouw vlinder moest maar eens gaan vliegen, zei je in een zeldzaam berustend moment.
Het is heel bijzonder als iemand zoveel van je houdt.
Ik wist wat ik opgaf.
Maar ik kon het niet meer.
Liefde die nog maar van één kant komt, verliest zijn waarde.

2003

Ga maar naar het licht.
Zei ik.
Ga, maar weet hoe dankbaar ik ben.
De herinneringen zal ik koesteren.
Zolang gevochten.
Een doorzetter tot het eind.
Eindelijk weer samen.

2003

Ga maar.
Zei ik.
Jouw hand in de mijne.
Mijn hand op je wang.
De ruziënde menigte op de achtergrond verstomde.
Laat die sukkels maar.
Even waren alleen wij twee in de kamer.
Het einde van je afschuwelijke strijd.
Je ging toch nog in vrede.

2003

Ja, ga alsjeblieft.
Zei ik.
Ga maar en laat ons.
Je leugens zijn niet meer te verdragen.
Jij zou de waarheid nog niet herkennen als je er over struikelde.
Geef mij de ruimte.
Om te leven.

17 januari 2006

Vrij.



16 januari 2006

Zwarte vogels.

De film is zeker de moeite waard. Mooi camerawerk, de sfeer enigszins beklemmend, het verhaal goed. Een film over één van de gruwelijkste oorlogen ooit. Een oorlog die berustte op waanzin. Maargoed: welke oorlog niet?

Amerikaanse mariniers. Daar heb ik eens een confrontatie mee gehad. Ik was slechts zeventien lentes jong maar jaren stoerder (of minder wijs) dan ik nu ben.
Hij was vreselijk aan het opscheppen over de almachtige Amerikanen. Waar we zouden zijn zonder hen en zo. Hij draafde door over Amerika die de almachtige spin zou zijn en wij, Europeanen slechts het kleine ongedierte. Eén beweging van de spin en wij zouden nergens meer zijn.
Ik zei dat spinnen makkelijk te vermorzelen waren.
Hij vloog me bijna aan. De breedgeschouderde, kale marinier die zeker 25 centimeter langer was dan ik. Stoer hè? Dat vond ik ook nog even nodig om te zeggen. Niet slim.
Gelukkig was hij niet alleen, zijn mede mariniermaatjes vonden het toch wat ver gaan om hem mij te laten slaan. Ergens jammer misschien. Anders had ik nu kunnen zeggen dat ik ooit heb gevochten met een marinier.
Dat was pas stoer geweest. Toch?

Zondag doet zijn naam eer aan. De andere mensen op de overvolle weg naar het strand vonden dat kennelijk ook. Maar de blauwe lucht die transparant overging in een onwerkelijk kalme zee voor deze tijd van het jaar maakt veel goed. De warme chocomel na de kou ook. Er was gelukkig nog net een plekje op de biljarttafel in het stamcafé aan zee.
Aan de bar zie ik veel lange gezichten. Het personeel doet zijn best, maar hier is bijna geen beginnen aan. Ik bereid me voor op lang wachten, maar word binnen 5 minuten geholpen. Hij zegt dat het door mijn haarkleur komt. Dit waag ik te betwijfelen.
Op de terugweg zie ik de zwarte silhouetten van twee bomen vol zwarte vogels, tegen een achtergrond van de bloedrode ondergaande zon. Helaas heb ik mijn camera niet bij. Ik sla het plaatje op in mijn geheugen.
Voor later.

Met Koekie speel ik met playmobiel. Eerst krijgen ze allemaal attributen in hun stijve handjes geklemd, vervolgens worden alle poppetjes voorzien van een eigen paard, motor of auto. Dan volgt een voor mij wat onduidelijk gebeuren waarbij de mannetjes tegenover de vrouwtjes worden gezet en de robot alle vrijgezellen een partner toebedeelt. We houden twee mannetjes over. Dat is pas pech hebben. Ohnee, toch niet. Ze blijken homoseksueel te zijn. Dus aan het eind is iedereen voorzien en blijft niemand alleen achter.
Wat is het leven simpel als je zeven jaar oud bent.


13 januari 2006

Friday's lyric.

klik


Snow can wait, I forgot my mittens
Wipe my nose, get my new boots on
I get a little warm in my heart when I think of winter
I put my hand in my father's glove
I run off where the drifts get deeper
Sleeping beauty trips me with a frown
I hear a voice 'you must learn to stand up for yourself
Cause I can't always be around'
He says when you gonna make up your mind
When you gonna love you as much as I do
When you gonna make up your mind
Cause things are gonna change so fast
All the white horses are still in bed
I tell you that I'll always want you near
You say that things change my dear
Boys get discovered as winter melts
Flowers competing for the sun
Years go by and I'm here still waiting
Withering where some snowman was
Mirror mirror where's the crystal palace
But I only can see myself
Skating around the truth who I am
But I know, dad, the ice is getting thin
When you gonna make up your mind
When you gonna love you as much as I do
When you gonna make up your mind
Cause things are gonna change so fast
All the white horses are still in bed
I tell you that I'll always want you near
You say that things change my dear
Hair is grey and the fires are burning
So many dreams on the shelf
You say I wanted you to be proud
I always wanted that myself
When you gonna make up your mind
When you gonna love you as much as I do
When you gonna make up your mind
Cause things are gona change so fast
All the white horses have gone ahead
I tell you that I'll always want you near
You say that things change my dear
Never change
All the white horses


Tori Amos / Winter


11 januari 2006

Groundhog Day


7 uur 20

tuut-tuut-tuut-tuut-tuut
De wekker...

Moeizaam probeer ik me los te worstelen uit de dikke deken van slaap die om heen gekneld zit.
Ik loop naar het raam, doe de gordijnen open en kijk mijn tuin in.
Huh?
Gisteren waren die narcissen er nog niet.
En waar komt die hond nou vandaan?
Vreemd.
Maar lang niet zo vreemd als het uitzicht op zee en de golven die akelig dicht bij mijn huis aanspoelen.
Gek genoeg bevreemd dit me nu weer niet.
Toch ga ik weer naar bed. Ik heb immers geen hond en voor narcissen is het nog te vroeg.

Er wordt aangebeld.
Ik loop naar de deur en sta oog in oog met een oude man.
Hij vraagt of ik een appel wil kopen. Een mooie, rode, glanzende appel.
Duh. Daar trap ik echt niet in, gisteravond heb ik nog voorgelezen over Sneeuwwitje.
Bovendien dragen mannen geen hoofddoekjes.
En ik zou het ook erg prettig vinden als hij eens zou stoppen met aanbellen.

tuut-tuut-tuut-tuut-tuut-tuut-tuut

Koekie roept. Wanneer ik die wekker nu eens uitzet?
Het is 7.20

Later, bij school, kijkt ze me schalks aan en vraagt of ik zeker weet dat ik nu wakker ben.
Weet ik dat echt zeker?

Ja, toch wel.
Als ik droom regent het nooit.

10 januari 2006

Plant.



Je kunt er kleine flesjes kruidenbitter kopen die naar hoestdrank smaken. Deze kun je dan nuttigen onder het genot van het uitzicht over het IJsselmeer. Voorheen Zuiderzee. Als je dat nog niet wist, weet je het na het bezoeken van deze cafetaria wèl.
De eindbestemming is Leeuwarden. Het landschap onderweg wat kaal en monotoon. De weilanden zijn tamelijk oververtegenwoordigd hier. Toch gaat er ergens wat kriebelen. Zal mijn Friese bloed wel zijn. Dat verloochent zich niet zo snel. En het is lang geleden dat ik zo dicht bij Terschelling was. Zo dichtbij, maar helaas toch te ver weg voor vandaag.
Maar Leeuwarden blijkt ook niet verkeerd. Ik probeer me voor te stellen hoe het er hier 100 jaar geleden uitzag. Compleet met sneeuw, vroeger lag er altijd sneeuw. Het levert mooie plaatjes op.

Mijn champagnekoeler kreeg er een prachtige grote broer bij. Ik twijfel of ik er een plant in zal zetten. Champagne is niet alleen erg lekker tijdens de jaarwisseling en het heeft wel wat om hem te gebruiken waar hij eigenlijk voor bedoeld is. Bovendien vergeet ik ze toch altijd water te geven. Of ik verzuip ze.
Uiteindelijk koop ik toch een plant. Hij krijgt voor nu even een tijdelijk plekje. Het voelt een beetje als zo'n experiment waarbij je een ei heel goed moet verzorgen, omdat het symbool staat voor de breekbaarheid van een baby. Als het me lukt deze plant in leven te houden mag ik er meer van mezelf.
Niet te veel en niet te weinig dus.
Ik hoop dat ik er aan denk.


5 januari 2006

Stenen.


Soms helpt het om een verhaal te schrijven over iets wat niet hetgeen is dat mijn gedachten beheerst.
Vandaag lukt het niet. Deze steen weegt te zwaar. Beter gezegd: twee stenen.
Vannacht heb ik met omtrekkende bewegingen een poging gedaan. Maar de stenen zijn er niet lichter door geworden.

De eerste steen zit er al lang. Hij verandert soms van vorm en kleur, van omvang of gewicht.
Hij heeft me bij tijden neergedrukt doordat ik zijn zwaarte niet kon dragen. Hij is ook wel zo licht geweest dat het leek of hij weg was.
Maar echt verdwijnen, dat doet hij nooit en dit zal ook voorlopig nog wel zo blijven. Op een manier vind ik dat niet erg. Het is mijn steen. Ik ben één van de beeldhouwers die de uiteindelijke vorm bepaalt.
Het is een mooie steen, hij is het waard om gekoesterd te worden. In welke vorm dan ook.

De tweede steen kwam gisteren, hij is eigenlijk niet van mij. Het is haar steen.
Omdat zij me dierbaar is drukt hij ook op mij.
Helemaal geen ouders meer hebben is één van mijn grootste angsten. Het leven is niet bepaald makkelijk voor haar geweest en het afgelopen halfjaar kwam daar een ernstig zieke moeder bij.
Nu is ze verlost van de angst en de zorg. Bevrijd van de druk die eigenlijk te zwaar was. Ze heeft zich er dapper doorheen geslagen.
Ik hoop dat er nog moed genoeg over is om het verlies te dragen.
Maar haar kennende, zal ze die kracht wel weer ergens vandaan halen.

Truth.


There are only four questions of value in life:
What is sacred?
Of what is the spirit made?
What is worth living for?
What is worth dying for?
The answer to each is the same.
Only love


Don Juan DeMarco


1 januari 2006

New Year's Eve.

Vreselijke hoofdpijn bij het ontwaken. Ohnee, ik ga toch niet ziek worden hè?
Nog zo veel te doen en ook zoveel te drinken vanavond. Maar het viel mee. Toen de paracetamol was uitgewerkt waren alle symptomen ook verdwenen.
Bring on the champagne!

Een stralende zangeres in Sonnevanck. Jazz is niet echt mijn ding, maar wat een strot had deze dame zeg, geweldig!
Sfeervol als altijd. Veel te vertellen. Ook niet nieuw.

Naar huis. Quiche maken. Het eerste glas is even wennen, maar smaakt snel naar meer.
Is het al twaalf uur? Het is anders dan vorig jaar. Anders maar ook hetzelfde. Hetzelfde op meer manieren dan me lief is.
Maar ook op een goede manier anders.

Hoe zou het volgend jaar zijn?
Onvermijdelijke gedachtes.
Niet nu, niet vanavond. Vanavond wil ik genieten. Zal ik genieten.
Ik hèb genoten.
En het mooiste vuurwerk was speciaal voor mij.