« februari 2006 | Hoofdmenu | april 2006 »

29 maart 2006

Barcelona.


In Barcelona is het altijd warm.

Ik zie Koekie voor me met bruine wangen en zonblonde haren. Ze speelt op een wit zandstrand met Spaanse kindjes.
Binnen een maand spreekt ze vloeiend Spaans.
Zelf heb ik er meer moeite mee, maar dat is niet erg, ik red me evengoed wel als serveerster.

In Oostenrijk is het altijd mooi.

Ik zie Koekie voor me, ze rolt lachend van de berg af. Ze straalt door de gezonde berglucht en ze houdt net zoveel van de bergen als haar mamma.
Binnen een maand spreekt ze vloeiend Duits.
We genieten elke dag van de mooie natuur en ik red me prima als braadworstenverkoopster.

Ik zie een meer in Canada en een houten huis.
Ik zie een huis op Terschelling in de duinen.
Ik zie een boerderij in het binnenland van Portugal.

Ik zie en ik droom.
Ik voorzie en ik wil vluchten.


27 maart 2006

Muziekje.

Muziekkadootje voor de jarige.


26 maart 2006

Jij.



24 maart 2006

Damien.


Ik was zestien en had een leuk vriendje waar ik best wel verliefd op was.
Zijn Amsterdamse gevoel voor humor vond ik geweldig en, ook niet onbelangrijk, hij zoende heerlijk.
Verder was hij gewoon mooi om te zien en als je zestien bent telt dat mee, dat ga ik niet ontkennen.
Het was alleen een beetje jammer dat hij zoveel voetbalde. Hij zat in de jeugdselectie van een bekende voetbalclub en als hij niet aan het trainen was dan was hij aan het rennen buiten. En dan fietste ik mee, ook al had ik al 7 kilometer gefietst om bij zijn huis te komen.
Dat vond hij fijn, want dan rende hij harder.

Enfin.

Het was allemaal erg leuk en aardig en zo. Tot de zomervakantie aanbrak.
We zaten 's avonds bij het meer toen hij me wat ongemakkelijk aankeek en zei dat hij me iets moest vertellen:
"Tsja, nu ga ik volgende week met vakantie en eigenlijk wil ik nooit verkering hebben als ik met vakantie ga."
Want dan kon hij niet leuk met alle meiden op de camping flirten. En zo.
Om nu te zeggen dat mijn hart gebroken was is overdreven maar ik was er toch wel even verdrietig van.

Maar goed.

Ik ging ook met vakantie. Naar Spanje.
En daar ontmoette ik Damien (ja: z'n echte naam...)
Ik had hem al een paar avonden zien staan in de locale disco en ik was best geïntrigeerd. Hij zag eruit als een combinatie tussen Billy Idol en Antonie Kamerling. Alleen dan een tikje alternatiever.
Bovendien hadden we dezelfde oranje suède schoenen. En dat waren bepaald geen alledaagse schoenen dus het was best wel toevallig dat hij, in Engeland, dezelfde schoenen had gekocht als ik in Amsterdam.
Maar ik had me heel dramatisch voorgenomen om de voetballer toch trouw te blijven. Wat hij deed mocht hij weten maar ik ging heus niet de ene week nog met hem kussen en de volgende week met iemand anders, alleen omdat ik toevallig met vakantie was. Dat was mijn stijl niet.

Maar toen.

Toen kwam Damien dus naast me zitten en hij begon over die schoenen. Zo'n opening kun je niet laten liggen natuurlijk. Van de schoenen kwamen we op muziek en wat de beste manier was om je haar rechtop te laten staan. De tijd verstreek en we babbelden gezellig verder.
Van dichtbij had hij nog mooiere ogen.
Er werd een ( in onze ogen niet, want dit nummer was totaal niet cool ) vreselijk romantisch muziekje opgezet en toen vroeg hij het.
"Do you have a boyfriend, in Holland?"
Ik zei maar" yes", vanwege mijn eerder gemaakte voornemens.
"Are you faithful?"
Vroeg hij toen, waarop ik ook maar met "yes" antwoordde.
Maar toen vroeg hij "Do you intend to stay faithful?", terwijl hij me met die prachtige blauwe ogen aankeek...
En toen gingen we dus kussen.
De volgende avond draaide ze het nummer weer, toen zei hij dat het ons nummer was.
Dat klonk toch wel leuk, in het Engels.

Ook leuk.

En wat ook nog wel leuk was:
De voetballer kwam terug van de camping en belde me om te vragen of ik zin had om mee te gaan zwemmen.
Dat wilde ik wel.
Hij was me toch trouw gebleven, daar op de camping, zei hij bij het meer.
"Ik jou niet." Zei ik.
Ik vergeet nooit de toch wel wat gekwetste, verbaasde uitdrukking op zijn gezicht.
En nee: het is nooit meer iets geworden tussen ons.
Meisjes van zestien hebben ook hun trots.
We hebben wel nog eens gekust op een feestje, een jaar later. Toen het feestje afgelopen was vroeg hij of er misschien meer in zat? Maar het was vlak voor mijn vakantie. Geen geschikt tijdstip dus, was mijn antwoord.

Bovendien maakte hij later carrière in het betaalde voetbal.
En voetbalvrouw zijn, dat was toch niks voor mij geweest.


Lionel Ritchie / Lady


22 maart 2006

Madelief.



Je kwam in december, gewoon in een jutezak. Alsof je niets bijzonders was.
Eigenlijk kwam je van oma en dit jaar kon ik dat ook gewoon lekker vertellen, want ze gelooft niet meer in de Sint.
Bijna elke avond was je een vast onderdeel van het avondritueel. Op jouw inventieve, slimme, grappige en een tikje brutale wijze veroverde je haar hart net zoals je dat ooit bij mij deed. We (her)beleefden je verhuizing, je vriendschappen, je nieuwe school, je logeerpartij bij opa en je allereerste verliefdheid op Tom.
Vijf boeken in één lazen we in bijna vier maanden en samen genoten we van je avonturen. Soms kon ik het niet laten om even te vermelden dat dit wel heel ver ging of echt té stout was. Maar dan keek zij me aan met zo'n blik van: "duh, dat weet ik heus wel!"
Maar morgen ben je niet meer in ons leven, want vanavond lazen we de allerlaatste bladzijde. Uit.
We keken elkaar gelijktijdig zuchtend en toch wat bedroefd aan. Dag Madeliefje...
Zelf heb ik het talloze keren meegemaakt dat ik afscheid moest nemen van een mooi boek, omdat het uit was. De koek op, geen bladzijden meer. Zo intens meegeleefd met een of meerdere personages en ineens was dat voorbij. Dan las ik de achterflap nog maar eens aandachtig en zette me ertoe het weg te leggen.
Voor Koekie was dit de eerste keer. Zij heeft zich nooit eerder zo vereenzelvigd met een personage uit een boek. Toch hoop ik dat ze nog heel vaak een boek een tikje triest weg zal leggen. Want kunnen genieten van boeken, het vermogen hebben er helemaal in op te gaan: dat is een verrijking van je leven.

Morgen maar meteen kijken voor een nieuw boek.


21 maart 2006

Lolita.


Vanmorgen op de fiets moest ik aan mijn oude kaptafeltje denken.
Eigenlijk was het geen tafel, maar een spiegeltje met een mandje eronder, van bamboe en riet.
Het hing aan de muur van mijn slaapkamer en tafels hangen niet. Het was dus meer een kapmandje.
In dat mandje was eens een flesje met groene ogenschaduw omgevallen, van mijn moeder. Hierdoor zat er op de bodem van het mandje een glanzende groene plek. Die groene plek, daar veegde ik soms met mijn vinger over. Om vervolgens hard wrijvend over mijn ooglid te gaan, et voilà! Ik was opgemaakt. Althans, dat vond ik toen. Je zag er hoegenaamd niets van, maar het ging om het idee. Want make-up: dat vond ik toch wel zo iets fascinerends! Maar het mocht niet. Dat was zo vroeger: kinderen van een jaar of twaalf hadden geen make-up. En al had je het wel, dan deed je het echt niet op naar school. Een meisje uit mijn klas kwam eens opgemaakt naar school. Nou, dat deed ze ook nooit meer. Ze werd vreselijk uitgelachen.

Tegenwoordig is dat allemaal heel anders. Op het schoolplein zie ik meiden van elf, twaalf jaar jong compleet in de verf voorbij lopen. En dan heb ik het echt niet over een subtiel glansje op de lippen. Nee zeg. Dikke lagen mascara en lippenstift hebben ze op.
Zo zonde van die mooie jonge koppies. Mooier worden ze er echt niet van. Alleen ouder, en dat is natuurlijk ook de bedoeling, snap ik best. Ik snap alleen niet dat die ouders dat goedvinden.

En hoe moet dat met Koekie later? Die heeft nu al een hele doos vol make-up. Ze mag het alleen binnenshuis op, maar het zal nog een hele toer worden om die regel door te blijven voeren tot ze er in elk geval niet meer als Lolita uit ziet, met make-up op. Maar het is wel een strijd die ik aan zal gaan.

Ik zal de laatste zijn om te zeggen dat ik een perfecte moeder ben, maar mijn kind is in elk geval nog blij met een klein cadeautje of een middagje naar de kinderboerderij.
Best wat weemoedig kan ik er van worden, dat alles zo snel veranderd is. En dat al die ouders daar maar in mee gaan. Alles om het kind tevreden te stellen. Wij waren vroeger blij met één snoepje. Nu ken ik meerdere kinderen die daar hun neus voor ophalen. Het moet op z'n minst een zakje of een rolletje snoep zijn. En dan die tv en computer die sommige kinderen tegenwoordig al op hun slaapkamer hebben, zo vanaf hun vierde jaar. Of de cadeautjes met sinterklaas en verjaardagen van honderden euro's.

Soms denk ik echt dat vroeger alles beter was.

Nachtwit.


20 maart 2006

Voorheen Prince.


Prince, of hoe hij ook mag heten tegenwoordig, vind ik maar een ranzig mannetje.
Ik ben niet dol op die tactiek van het jezelf omringen in je videoclips met bloedmooie dames, zodat je zelf ook nog wat lijkt. Bovendien laten ze het sinaasappelkistje nooit zien dan.
Een meneer met maniertjes. Veel te glad naar mijn smaak.

Maar...

Maar deze enge man heeft wél een van de mooiste nummers ooit gemaakt.
Althans, dat is mijn mening.

klik


18 maart 2006

Just do it.


Iedere keer als mijn log zich opent, denk ik:
"Nog stééds die saaie lay-out?"
Dan ben ik dus even vergeten dat ie heus niet uit zichzelf zal veranderen.

Toen Koekie nog een heel klein koekje was had ik dat ook soms. "Het is zo tijd voor haar fruithapje." Dacht ik dan terwijl ik afwachtend om me heen begon te kijken.
Ohja...
Mijn moeder maakte van die schaaltjes voor me, met hapklare stukjes fruit.
Tot mijn achttiende ofzo. Maar waarschijnlijk zou ze het nu nog wel willen.
Het was best wennen dat ík ineens de moeder was.

Vanmorgen om zeven uur ging de wekker.
Wat helemaal niet fijn is als je om vier uur ging slapen.
Maar de auto moest daar om acht uur weg zijn, op straffe van tweehonderddertig euro wegsleepkosten.
Dan wil je wel.

Maar zij komt vanmiddag.
In mijn huis. Mijn persoonlijke, afgesloten wereldje. Waarin ik zelden nieuwe mensen toelaat.
Toegankelijk, zeggen ze.
Sociaal, ook wel.
Mijn communicatieve vaardigheden zijn zó goed.
Ik lach wel en ik praat wel.
Ja: in de kroeg. Met een borrel in mijn hand.

Als iemand voor het eerst bij me thuis komt, dan ga ik opruimen.
Dingen schoonmaken die ik normaal gesproken niet zie.
Het liefst ging ik nu de gordijnen wassen.

Mijn huis is de plaats waar ik me aan de buitenwereld kan onttrekken.
Zeker in de weekenden, als Koekie er niet is.
Voel ik daar geen griepje opkomen?

Nee.
Geen uitvluchten.
Ik ga het gewoon doen.
Ze is welkom.

17 maart 2006

En u bent?


Er zijn van die dingen die je meteen moet zeggen want later kan het niet meer.
Later is het dan raar en gek en niemand wil raar en gek overkomen.

Zo liep ik laatst in de stad en dacht in de mij tegemoetkomende vrouw een bekende te herkennen. Dus ik groet haar, waarop zij me heel hartelijk teruggroet. Ohnee, dacht ik meteen. Het is haar niet. Nouja, geeft niks. Toch leuk gezwaaid.
Tien minuten later ga ik ergens aan de bar zitten en bestel een kop koffie. Vrijwel onmiddellijk stapt dezelfde onbekende vrouw binnen. Lachend begroet ik haar terwijl ze naar me toe komt lopen. Ik wil net zeggen dat het best grappig is hoe we beide de ander voor een iemand anders aanzagen als ze uitroept: "Heyyyy Nova , wat leuk! Zo zien we elkaar nooit en nu al twee keer vandaag."
Ze komt gezellig naast me zitten terwijl ik naarstig mijn geheugen probeer op te frissen. "Wie is dit in vredesnaam?" Vraag ik me af. "Alles goed met je, meid?" Vraagt de onbekende/bekende vrouw. "Uhh, ja prima hoor." "En met jou?" Vraag ik maar omdat ze me wat afwachtend aankijkt. Met haar ging het ook goed, ze had net een nieuwe baan, nog steeds in het onderwijs. Wat natuurlijk geen grote verassing was, dat zij in het onderwijs terecht zou komen. Zei ze. Alsof het heel vanzelfsprekend was dat ik dat wel zou snappen.
Ik knikte maar wat terwijl ik me afvroeg of ze me misschien niet verwarde met een andere Nova.
"Maar hoe is het nou met die en die?" Vraagt ze dan. Ohjee, ze kent die en die ook al. En als ze me vraagt of we nog steeds zulke dikke vriendinnen zijn wordt het me duidelijk dat ze me toch echt kent. "Wás die en die hier nu maar." Denk ik. Die heeft een ijzeren geheugen voor personen en namen. Zij weet altijd nog precies de namen van onze vroegere buren en andere buurtgenootjes. "Je bedoelt die met dat Fred Flinstone haar, of die ene die altijd zo hard schreeuwde?" Zeg ik dan altijd. Ik heb de neiging om mensen te onthouden aan hun bijzondere kenmerken, niet aan hun naam. Heel lastig soms.
De vrouw naast me heeft geen idee van mijn verwarring en babbelt gezellig verder over Michel. "je weet wel, die jongen waar ik zo lang verkering mee had." Waar het uiteindelijk toch niks mee werd. En dat ze nu met Frans getrouwd is, al elf jaar. "Zooo." Zeg ik maar. En dat dat al best lang is. Terwijl ik me zo langzamerhand af begin te vragen of ik niet in een beginnend stadium van dementie verkeer. Omdat ik ook al geen flauw idee heb wie Michel is.
Ik kijk maar eens omslachtig op mijn horloge en zeg dat ik er echt vandoor moet.
Ze zegt dat het erg leuk was me weer eens gesproken te hebben. Ik antwoord dat ik het ook heel leuk vond om haar weer eens te zien en loop snel naar buiten.

Echt: de volgende keer dat ik weer eens niet weet wie iemand is, vráág ik het gewoon.
Meteen.


16 maart 2006

So lovely.


We staan samen op de dansvloer. Stiekem ben ik haar losse, ritmische manier van bewegen aan het bewonderen terwijl ze meezingt met de muziek. "Dit nummer heeft hij voor jou opgezet, weet je dat?" Vraagt ze.
Meid je moest eens weten.
Zachtjes begin ik ook mee te zingen, ze kijkt me lachend aan. Ze heeft werkelijk geen idee.
De mooiste lach die ik ooit zag bij een meisje.
Sowieso één van de mooiste meisjes, en later ook vrouwen, die ik ooit zag.
Lang en mager. Zij zette de trend. Een trend die overigens maar uit twee vrouwen bestaat.
Ze was nuchter, stralend en onafhankelijk. Met een mond die geschapen leek om te kussen. Wat ik overigens nooit gedaan heb. Ik genoot van onze vriendschap en van mijn stiekeme bewondering.
Het voegde gewoon net iets extra's toe.
En dat was genoeg.

Human League / Don't you want me

6 maart 2006

Concert.


Ooit, gelukkig lang geleden, had ik last van paniekaanvallen. Vooral in grote mensen massa's.
In dezelfde tijd vond ik "The Scene" best wel een leuke band.
Die leuke band zou een concert geven op het plaatselijke poppodium.
En daar wilde ik wel bij zijn.
Dat combineerde alleen niet zo lekker met die paniekaanvallen. Maar daar had ik een oplossing voor bedacht. Ik moest gewoon zorgen dat ik een tikkeltje dronken werd. Want als ik een tikkeltje dronken was had ik geen last van paniek.
We gingen met z'n vieren en we waren er al vroeg, want dan was het nog lekker rustig.
"Eerst maar even aan de bar zitten." Stelde ik voor.
Het overige gezelschap vond dat geen probleem want dat bestond uit J.D. (die zit sowieso graag aan de bar), zijn vriendin (die ging alleen voor de gezelligheid mee) en mijn toenmalige vriend (en die hield alleen van de muziek die in de "Oor" besproken werd). Het ene drankje leidde al snel tot het andere en ik kreeg het steeds meer naar mijn zin, daar aan de bar van het plaatselijke poppodium. Dat het richting podium, alwaar ik me ook zou gaan begeven als het zou beginnen, inmiddels stampvol mensen stond, deerde me ook al helemaal niet meer. Zo zat ik een tijd lang gezellig drinkend en kletsend te genieten van de voorpret. Dit concert zou ik probleemloos gaan doorstaan.
Ik voelde me helemaal top. Nergens last van.
Tot ik tegen de vriendin van J.D. opmerkte dat het toch wel erg leuk was dat ze vast een cd van The Scene hadden opgezet en dat we op deze manier helemáál goed in de stemming zouden komen.
"Dat is geen cd hoor, ze zijn allang al aan het spelen."
Was haar antwoord.
Oeps...
Ik spoedde mij naar het podium om te kijken of er nog wat te genieten viel.
En echt.
Dat waren nog twee hartstikke leuke nummers.

The Scene / Rigoreus


Metgezellen.



5 maart 2006

Lenen van je eigen toekomst.


Ruim 10% van alle Nederlandse gezinnen leeft onder de armoedegrens. Nu ligt deze grens op € 1608 voor een gezin met twee kinderen, in mijn ogen best een riant bedrag. Zelf doe ik het met ongeveer de helft, als éénoudergezin. Maar ik ga ervan uit dat het percentage mensen dat daadwerkelijk rónd moet komen van een soortgelijk bedrag als ik hoog ligt. En dat is een probleem. Niet zo heel erg mijn persoonlijke probleem: ik ben ervan overtuigd dat mijn situatie tijdelijk is.
Ik verkeer ook in de positie om hier iets aan te doen. Vandaag of morgen komt er heus wel een antwoord op een sollicitatie die geen afwijzingsbrief bevat.
Zorgelijker is de grote groep mensen die door ziekte, stoornissen of ouderdom niet in staat is hier iets aan te veranderen. Nog zorgelijker is de uitzichtloosheid die nog veel uitzichtlozer wordt gemaakt door geld te lenen.
Natuurlijk hebben mensen een eigen verantwoordelijkheid en is er niemand die een pistool tegen je hoofd houdt om maar vooral geld te gaan lenen. Maar de verleiding is best groot als je al tot over je oren in de problemen zit, of als je jong en onervaren bent.
Reclame voor sigaretten is verboden, maar we worden doodgegooid met aantrekkelijke aanbiedingen om "even" megagrote bedragen te lenen. Vandaag gebeld, morgen op uw bankrekening. Het gaat zo makkelijk. Dáár zouden ze nu iets aan moeten doen. Lenen zou alleen mogelijk moeten zijn onder voorbehoud van strenge voorwaarden. De aflossing zou bijvoorbeeld niet hoger mogen zijn dan, pakweg, 3 % van het inkomen voor mensen met een inkomen beneden de 2000 euro. En de reclame voor lenen zouden ze gewoon moeten verbieden. Ik geloof best dat roken slecht voor je is. Alleen: rondkomen met drie keer niks en daarvan ook nog eens een groot deel maandelijks moeten aflossen voor iets waar je waarschijnlijk allang al geen plezier meer van hebt, dat is ook niet bevorderlijk voor de gezondheid.
Dat levert stress op en ander geestelijk onwelzijn: sociaal isolement, relatieproblemen, scheidingen, getraumatiseerde kinderen. Om nog maar te zwijgen over de lichamelijke gevolgen van armoede en stress. Afschaffen die reclame dus.

Dan hoeven we ons ook nooit meer te irriteren aan het feit dat dokter Simon niet kan acteren.

4 maart 2006

Schoolfeest.


"Jij hebt bij elk nummer wel een verhaal."
Een opmerking die ik meerdere malen heb gehoord.
Nu is "elk nummer" een beetje overdreven. Maar mijn geheugen heeft inderdaad wel de neiging om, getrickerd door muziek, soms lang vergeten herinneringen naar boven te laten komen.
Dus dat leek me wel een aardige nieuwe categorie.
Ook al omdat het een mooi excuus is om zo nu en dan eens een lekker fout muziekje online te zetten.


De school stond destijds niet zo heel erg goed bekend i.v.m. de vrijgevochten, tamelijk alternatieve sfeer. Dus deze school moest het worden voor mij. Er werd veel geblowd, de regels waren soepel, de "alternatieve jeugd" was goed vertegenwoordigd in de vorm van de punk-, ska-, hardrock- en de terug-naar-de-natuur- stromingen. En het gehalte lesbische meisjes in paarse indiajurken lag stukken hoger dan het landelijk gemiddelde. Zo hoog dat het me niet zou verbazen als een aantal van de meiden die toen claimden lesbisch te zijn later toch maar heteroseksueel werden.


Een deel van de fietsenkelder van de middelbare school doet normaal gesproken dienst als alternatieve kantine. Deze kantine is mijn tweede thuis. Ik zit in de "kantinecommissie", wat wil zeggen dat ik thee zet en achter de bar sta, op de tijden dat ik pauze heb. Of zou moeten hebben.
Deze grijsbetonnen, vol tweedehandsbankstellen geplempte ruimte doet ook dienst tijdens de schoolfeesten.
Deze schoolfeesten waren beroemd en berucht, men fietste van heinde en verre om hierbij aanwezig te kunnen zijn.
Ik ben vijftien jaar jong en zit nog net in het staartje van mijn goody-good-girl periode.


Hij is lang en cool met mooie krullen en een wat sinistere glimlach. Nog niet echt geïnteresseerd in meisjes. Ik wel in hem, al een tijdje. Hij heeft geen idee van mijn stille affectie. Dat was misschien alleen op te maken uit het feit dat ik vaak zo onaardig tegen hem deed.
s'Avonds zien ze er altijd anders uit, de jongens. Ze hebben iets aangetrokken waar ze over nagedacht hebben en sommige van hen hebben gel in hun haar. Wij zien er ook anders uit. We zijn gekleed in iets waar we nog meer over nagedacht hebben dan normaal en we hebben nog meer gel in ons haar dan gewoonlijk.
Van te voren heb ik geconstateerd dat ik er goed uit zie. Ik ben net terug van een logeerpartij bij mijn toenmalige toekomstige ex-schoonzus en haar ouders hebben een zonnebank. Van deze noviteit heb ik dankbaar gebruik gemaakt. Mijn verwachtingen voor het feest zijn hooggespannen. Vanavond ga ik aardig tegen hem doen. Als ik durf.
Het feest is druk en rokerig. Ik dans met mijn vriendinnen en kijk ondertussen naar hem. Hij heeft een groene trui aan die mooi bij zijn ogen staat.
Drinken om moed te verzamelen, daar weet ik nog niets van, de cola helpt ook niet.
Ik ga niet naar hem toe. Een ander meisje wel. Ze praten verontrustend lang met elkaar.
Aan het eind van de avond staan ze tegen elkaar aan. Hij heeft zijn arm om haar middel. Wat een trut. Hoe durft ze?
Het duurt zeker een jaar voor ik weer aardig tegen hem kan zijn.

Madness / My girl

3 maart 2006

Friday's lyric.



Op speciaal verzoek, voor Co:

klik

Golden years, gold whop whop whop

Don't let me hear you say life's taking you nowhere, angel
Come get up my baby
Look at that sky, life's begun
Nights are warm and the days are young
Come get up my baby

There's my baby, lost that's all
Once I'm begging you save her little soul
Golden years, gold whop whop whop
Come get up my baby

Last night they loved you, opening doors and pulling some strings, angel
Come get up my baby
In walked luck and you looked in time
Never look back, walk tall, act fine
Come get up my baby

I'll stick with you baby for a thousand years
Nothing's gonna touch you in these golden years, gold
Golden years, gold whop whop whop
Come get up my baby

Some of these days, and it won't be long
Gonna drive back down where you once belonged
In the back of a dream car twenty foot long
Don't cry my sweet, don't break my heart
Doing all right, but you gotta get smart
Wish upon, wish upon, day upon day, I believe oh lord
I believe all the way
Come get up my baby
Run for the shadows, run for the shadows, run for the shadows in these golden years

There's my baby, lost that's all
Once I'm begging you save her little soul
Golden years, gold whop whop whop
Come get up my baby

Don't let me hear you say life's taking you nowhere, angel
Come get up my baby
Run for the shadows, run for the shadows
Run for the shadows in these golden years

I'll stick with you baby for a thousand years
Nothing's gonna touch you in these golden years, gold
Golden years, gold whop whop whop

David Bowie / Golden years

2 maart 2006

Waar is het feest?


Het is wat met die lay-out van mij.
Of beter gezegd: het is helemaal niks nu. En op korte termijn zal het ook wel niks meer worden. Ik kom er gewoonweg niet uit.
Ideeën genoeg hoor, het ene nog onuitvoerbaarder dan het andere.
Het punt is alleen dat ik niet kan kiezen. Nu zit dat ook wel een beetje in mij: niet kunnen kiezen. Het fenomeen besluiteloosheid is mij niet geheel vreemd.
Uit eten gaan bijvoorbeeld. Vreselijk. Niet om het eten op zich hoor. Ik ben dol op lekker eten. Zeker in leuk gezelschap. Goed gesprek, wijntje erbij. Helemaal leuk.
Maar die menukaart is voor mij altijd een kleine ramp. Dan moet ik namelijk kiezen uit een heleboel dingen die ik allemaal wel zou willen proberen. En dat wil nog wel eens even duren bij mij. Het liefst bestelde ik overal een heel klein beetje van. Allemaal verschillende kleine probeerhapjes: mijn persoonlijke restauranthemel. Ik ben ook altijd bang dat ik net niet het lekkerste kies. Dat ik bijvoorbeeld vis bestel en dat er vervolgens vijf minuten later de meest aanlokkelijke biefstuk ooit op het tafeltje naast me gedeponeerd wordt. Shit. Had ik nou maar. Enzo.
De "waar is het feest mentaliteit", noem ik het ook wel. Hoewel dat ook betekent dat je zoveel mogelijk probeert te genieten, altijd net op de leukste plek wilt zijn, heeft het ook iets in zich van niet kunnen kiezen.
Want het andere feest zou best wel eens leuker kunnen zijn. Maar dat weet je pas als je er bent geweest. Alleen: om er te komen moet je dit feest verlaten.
Dat heb ik dus ook met die lay-out. Niet met deze, die ik nu heb. Dit is meer een soort van neutrale overgangslay-out. Maar die ene die hierna komt, die dus.
Ik heb al bedacht dat ik ook gewoon elke week een andere kan nemen. Want het maken op zich, daar vermaak ik me prima mee. Toch heb ik er liever één waar ik in elk geval weer een paar maanden mee vooruit kan.
Ook lay-outs máken gaat vervelen, op den duur.
Tenslotte.